Het ontwerp van het meerjarenplan 2026-2031 voor gemeente en OCMW werd opgemaakt met medewerking van het managementteam en de leden van het college van burgemeester en schepenen en van het vast bureau.
Met de invoering van het decreet over het lokaal bestuur en het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen, moeten de gemeente en het OCMW voortaan één gezamenlijk beleidsplan indienen. Omdat beide organisaties nog een afzonderlijke rechtspersoonlijkheid behouden, dienen er wel nog aparte kredieten per organisatie voorzien te worden.
Het budget bestaat niet meer; het meerjarenplan en de aanpassingen van het meerjarenplan zijn nu het enige document. De bedragen van 2026 in het meerjarenplan worden nu aanzien als autorisatiekredieten.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en latere wijzigingen.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen en latere wijzigingen.
Het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen en latere wijzigingen.
De omzendbrief KBBJ/ABB 2025/1 van 18 juli 2025 betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus.
1. Het deel gemeente van het meerjarenplan 2026-2031 van gemeente en OCMW Steenokkerzeel wordt vastgesteld.
2. De gemeenteraad keurt het deel OCMW van het meerjarenplan 2026-2031 van gemeente en OCMW Steenokkerzeel - zoals vastgesteld door de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van 18 december 2025 - goed, en stelt daarmee het meerjarenplan 2026-2031 van gemeente en OCMW Steenokkerzeel in zijn geheel definitief vast.
3. Samengevat geeft dit de volgende financiële resultaten:
| Beschikbaar budgettair resultaat | Autofinancieringsmarge |
| 2026: 10.243.457 EUR | 2026: - 669.771 EUR |
| 2027: 6.167.316 EUR | 2027: 86.675 EUR |
| 2028: 3.058.794 EUR | 2028: 370.722 EUR |
| 2029: 1.317.132 EUR | 2029: 1.542.237 EUR |
| 2030: 1.988.392 EUR | 2030: 1.419.689 EUR |
| 2031: 2.468.382 EUR | 2031: 1.429.183 EUR |
4. De lijsten van de nominatieve werkings- en investeringstoelagen als bijlagen worden goedgekeurd.