De gemeenteraad neemt kennis van het verslag van de vorige zitting.
De gemeenteraad keurt het verslag van de vorige zitting goed.
Sinds 1 juni 2024 mogen gemeenten een vergoeding vragen voor conformiteitsonderzoeken op verzoek, zoals bepaald in artikel 3.3 van de Vlaamse Codex Wonen (VCW).
Dit geldt onder meer voor:
Er mag geen vergoeding gevraagd worden voor onderzoeken:
De gemeente mag een retributie heffen per onderzoek per individuele woning. Een hercontrole geldt als een afzonderlijk onderzoek en een kamer geldt als een individuele (niet-zelfstandige) woning.
De retributie is beperkt tot de werkelijke kost van het onderzoek en bedraagt maximaal 200 euro. Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd en deze indexatie is reeds gebeurd op 1 januari 2025 en op 1 januari 2026.
De werkelijke kostprijs ligt hoger dan het maximumtarief, aangezien elk onderzoek een volledige controle omvat, inclusief administratieve verwerking. Gemiddeld neemt dit proces zes uur in beslag.
De woonmaatschappij is vrijgesteld van vergoeding bij nieuwe inhuurnames, zoals voorzien in het afsprakenkader. Daarnaast voorziet de gemeente een bredere vrijstelling voor de woonmaatschappijen; gelet op hun publieke opdracht en beperkte middelen is het niet wenselijk hen financieel te belasten voor conformiteitsonderzoeken. Het opleggen van een vergoeding zou hun sociale werking ondermijnen.
Beperkte geldigheidsduur conformiteitsattesten
De gemeente maakt deel uit van de Interlokale Vereniging Woonwinkel Noord. Het activiteitenpakket van het project bevat het conformiteitsattest (CA) beperken in tijd als eigen initiatief (2026-2031) zoals vermeld in artikel 2.13 van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021. Dit is een verderzetting uit het subsidiedossier (2019-2025) waar de gemeente koos voor de aanvullende activiteit 2_3, het Conformiteitsattest (CA) beperken in tijd krachtens artikel 3.9, eerste lid, 5° van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
Door het voeren van een preventief woningkwaliteitsbeleid streeft de gemeente naar een kwaliteitsvoller patrimonium dat zich aanpast aan de wijzigende regelgeving. De gemeente kan de geldigheidsduur van het conformiteitsattest – standaard tien jaar – beperken. Hierin kan de gemeente gaan differentiëren naar keuze. Wonen in Vlaanderen past de beperking van de geldigheidsduur ook toe als zij een CA aflevert op het grondgebied van de gemeente.
Indien een woning voldoet aan de minimale normen volgens de Vlaamse Codex Wonen 2021, levert de gemeente een gratis conformiteitsattest af aan de houder van het zakelijk recht.
De gemeenteraad van 10/12/2020 besliste reeds om het CA te beperken in bepaalde situaties:
Voor de overige blijft het 10 jaar geldig.
Evaluatie:
|
Jaartal |
Aantal afgeleverde CA’s |
Aantal CA’s beperkt in duurtijd |
|
2023 |
3 |
1 |
|
2024 |
16 |
5 |
|
2025 |
14 |
5 |
De meeste technische verslagen vermelden geen gebreken, wat erop wijst dat eigenaars doorgaans ook de gebreken van categorie I aanpakken. Gebreken van categorie I leiden niet automatisch tot ongeschiktheid, tenzij er meer dan zes zijn. In dat geval wordt minstens één gebrek als categorie II beschouwd, wat wel aanleiding geeft tot ongeschiktheid. Categorie III gebreken wijzen op onbewoonbaarheid.
Hoewel het beperkt voorkomt dat een woning vier tot zes gebreken van categorie I heeft, blijft een beperkte geldigheidsduur van vijf jaar aangewezen. Dergelijke gebreken kunnen immers evolueren naar ernstigere problemen. Door het CA te beperken in duur, wordt de woningkwaliteit beter opgevolgd. Eigenaars worden tijdig aangeschreven om een nieuw attest aan te vragen.
Vochtproblemen komen vaak voor en worden niet altijd grondig aangepakt. Vocht kan structurele schade veroorzaken en vormt een gezondheidsrisico voor bewoners. Daarom wordt de geldigheidsduur beperkt tot maximaal vijf jaar wanneer het technisch verslag een gebrek van categorie I vermeldt in één van de volgende onderdelen:
- 101: dak(en) of (hellende en vlakke) plafonds – insijpelend vocht
- 111: buitenmuren (en gemeenschappelijke scheidingsmuren) – opstijgend vocht/doorslaand vocht
- 131: onderste (draag)vloer(en) – vochtschade
- 151: binnenwanden – opstijgend vocht
Ook bij de aanwezigheid van kachels en verwarmingstoestellen type B wordt de geldigheidsduur beperkt tot vijf jaar. Deze toestellen brengen een verhoogd risico op CO-vergiftiging met zich mee, zeker wanneer verluchtingsopeningen worden afgesloten of onderhoud uitblijft.
Sinds 1 januari 2025 wordt in technische verslagen rekening gehouden met de nieuwe energienorm, die vanaf 2030 stapsgewijs wordt aangescherpt. Woningen die tegen de deadlines niet voldoen aan het vereiste EPC-label, krijgen een gebrek van categorie II en kunnen ongeschikt verklaard worden. In dat geval kan geen conformiteitsattest worden afgeleverd. Voor gesloten bebouwing en appartementen gelden strengere normen, gezien hun lagere warmteverliesoppervlakte.
Elke open en halfopen bebouwing moet
- vanaf 2030 minimum label E halen;
- vanaf 2035 minimum label D halen;
- vanaf 2040 minimum label C halen.
Elke rijwoning en appartement moet
- vanaf 2030 minimum label D halen;
- vanaf 2035 minimum label C halen.
Om te anticiperen op deze verstrengde energienorm wordt de geldigheidsduur van het CA afgestemd op het jaartal waarin een beter EPC-label verplicht wordt. De beoordeling gebeurt op basis van het meest recente EPC–attest in VLOK (Vlaams Loket Woningkwaliteit). Indien geen attest beschikbaar is, wordt dit opgevraagd bij de houder van het zakelijk recht.
Wanneer er minstens 2 risicofactoren van de eerste drie situaties, (meer dan vier gebreken categorie I, vochtproblemen en een onveilige verwarming),wijst dit op een verzwakte woonkwaliteit. In dat geval wordt de geldigheidsduur van het conformiteitsattest beperkt tot maximaal drie jaar, zodat de situatie sneller kan worden opgevolgd.
De gemeenteraad keurt het (retributie)reglement voor het uitvoeren van een conformiteitsonderzoek en het beperken van de geldigheidsduur van het conformiteitsattest goed. Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit en wordt als bijlage toegevoegd.
Op 22/12/2025 werd door notaris Katrien Devijver via het e-voorkooploket het recht van voorkoop aangeboden voor aankoop van een onbebouwd perceel gelegen te Vilvoordsesteenweg zn, afdeling 3 sectie C nr.(s) 135D.
Het goed is gelegen binnen de afbakening van het voorkooprecht ‘Vlaamse Codex Wonen’.
Het voorkooprecht wordt aangeboden voor bovenvermeld perceel voor een bedrag van € 35.000,00.
Een perceel dat verworven wordt door uitoefening van het voorkooprecht ‘Vlaamse Codex Wonen’, dient aangewend te worden met het oog op een verruiming of voor de ondersteuning van het woonaanbod in eigendom of beheer van de woonmaatschappijen.
Het perceel situeert zich rechts van huisnummer 54.
Het perceel wordt aan de voorzijde doorkruist door voetweg nr. 19.
Vervolgens is er ook een recht van toegang voor het achterliggend perceel (134C) dat enkel bereikbaar is via het perceel 135D.
Indien de percelen 23065C0135/00D000 (perceel in verkoop) en 23065C0133/00P000 (huisnummer 50) samen genomen worden, bekomt men binnen het woongebied een oppervlakte van +/- 1.000 m², welke in aanmerking komt voor bebouwing, bvb. met 2 kleine eengezinswoningen in halfopen bebouwing.
Meer info dienaangaande en plan van aanpak in bijgevoegde nota.
De aankoop van bovengenoemd perceel kan mee opgenomen worden in het kader van de realisatie van het Bindend Sociaal Objectief 2026 – 2042. Hierin is immers het inzetten van gemeentegronden voor de bouw van sociale huurwoningen voorzien.
Het Vlaams Woonanker werd hierover geïnformeerd op 5 februari 2026.
Het schattingsverslag dd. 09/02/2026 opgemaakt door Mathieu Petitjean, beëdigd landmeter-expert, ten bedrage van € 45.000,00 (normale venale verkoopwaarde).
"""De normale venale verkoopwaarde is de prijs waartegen terreinen en gebouwen op de datum van waardering bij onderhandse overeenkomst tussen een willige verkoper en een van de verkoper onafhankelijke koper zouden kunnen worden verkocht, waarbij wordt aangenomen dat de betrokken goederen openlijk op de markt worden aangeboden, dat de marktvoorwaarden een regelmatige transactie mogelijk maken en dat, de aard van de goederen in aanmerking genomen, een normaal tijdsbestek beschikbaar is om over de verkoop te onderhandelen."""
Het collegebesluit van 16 februari 2026 houdende:
1. Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het voorkooprecht dat aan de gemeente is aangeboden via het e-voorkooploket van de Vlaamse Landmaatschappij voor een onbebouwd perceel gelegen te Vilvoordsesteenweg zn, afdeling 3 sectie C nr.(s) 135D.
2. Het college van burgemeester en schepenen beslist om haar voorkooprecht uit te oefenen.
3. Deze beslissing wordt geregistreerd in het e-voorkooploket van de Vlaamse Landmaatschappij.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikel 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
Het besluit van de gemeenteraad van 28 maart 2019, houdende vaststelling van het begrip “dagelijks bestuur” in overeenstemming met artikel 41 van het Decreet Lokaal Bestuur.
Op budgetcode GBB/0200-00/22000007/GEMEENTE/CBS/OW109 van de investeringen 2026 is een bedrag van 50.000 EUR voorzien (over te dragen investeringskrediet van 2025).
De gemeenteraad gaat akkoord met de aankoop van een onbebouwd perceel gelegen te Vilvoordsesteenweg zn, afdeling 3 sectie C nr.(s) 135D.
Situering
De gemeente wenst over te gaan tot de afschaffing van gemeenteweg "voetweg 59" te Steenokkerzeel gelegen tussen de Kortenbergsesteenweg en de Gorislaan. Gekadastreerd 1e Afd. - Sectie D - deel van nrs. 151P6, 200K3, 200B3, ZN, 151S5, 151P5, 151T6, 151V6, 151Z3, 151Y5, 151X6, 148T2, 148N2.
Beschrijving opheffing
De gemeenteweg "voetweg 59" te Steenokkerzeel gelegen tussen de Kortenbergsesteenweg en de Gorislaan loopt over de percelen gekadastreerd 1e Afd. - Sectie D - deel van nrs. 151P6, 200K3, 200B3, ZN, 151S5, 151P5, 151T6, 151V6, 151Z3, 151Y5, 151X6, 148T2, 148N2.
Een plan tot afschaffing gemeenteweg "voetweg 59" tussen de Kortenbergsesteenweg en de Gorislaan werd opgemaakt door MESO studiebureau bvba op 11 december 2025.
Motivering
De af te schaffen wegenis is opgenomen als voetweg 59 in de atlas der buurtwegen van Steenokkerzeel.
Artikel 85 van het decreet Gemeentewegen bepaalt dat alle buurtwegen met ingang van 1 september 2019 geacht worden gemeentewegen te zijn.
Artikel 8 van het decreet Gemeentewegen bepaalt dat niemand een gemeenteweg kan aanleggen, wijzigen, verplaatsen of opheffen zonder voorafgaande goedkeuring van de gemeenteraad.
Artikel 3, decreet Gemeentewegen, bepaalt:
"Dit decreet heeft tot doel om de structuur, de samenhang en de toegankelijkheid van de gemeentewegen te vrijwaren en te verbeteren, in het bijzonder om aan de huidige en toekomstige behoeften aan zachte mobiliteit te voldoen.
Om de doelstelling, vermeld in het eerste lid, te realiseren voeren de gemeenten een geïntegreerd beleid, dat onder meer gericht is op:
1° de uitbouw van een veilig wegennet op lokaal niveau;
2° de herwaardering en bescherming van een fijnmazig netwerk van trage wegen, zowel op recreatief als op functioneel vlak."
De afschaffing van voetweg 59 schaadt het wegennet niet. Op deze voetweg werden sinds de jaren 50 reeds daden gesteld die wijzen op desaffectatie door de gemeente, namelijk het afleveren van bouwvergunningen in de jaren '50 en '60, op de percelen 151P6, 200K3, 200B3, 151S5, 151P5, 151T6, 151Y5, 151X6, 148T2, 148N2 waarbij de voetweg overbouwd werd met woningen. De gemeente heeft destijds nagelaten de voetweg eerst officieel af te schaffen.
De voetweg is reeds afgeschaft op de percelen 141H en 142R waardoor de voetweg niet meer ontsluit aan de openbare weg.
Artikel 4 van het decreet Gemeentewegen bepaalt dat bij wijzigingen aan een gemeentelijk wegennet rekening wordt gehouden met volgende principes:
1° wijzigingen van het gemeentelijk wegennet staan steeds ten dienste van het algemeen belang;
2° een wijziging, verplaatsing of afschaffing van een gemeenteweg is een uitzonderingsmaatregel die afdoende wordt gemotiveerd;
3° de verkeersveiligheid en de ontsluiting van aangrenzende percelen worden steeds in acht genomen;
4° wijzigingen aan het wegennet worden zo nodig beoordeeld in een gemeentegrensoverschrijdend perspectief;
5° bij de afweging voor wijzigingen aan het wegennet wordt rekening gehouden met de actuele functie van de gemeenteweg, zonder daarbij de behoeften van de toekomstige generaties in het gedrang te brengen. Daarbij worden de ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig tegen elkaar afgewogen.
De wijziging aan het gemeentelijk wegennet kan als volgt worden gemotiveerd:
Overeenkomstig artikel 4, 1° van het decreet Gemeentewegen dienen wijzigingen van het gemeentelijk wegennet steeds ten dienste staan van het algemeen belang.
De opheffing van voetweg 59 schaadt het algemeen belang niet. Op deze voetweg werden reeds begin jaren 50 daden gesteld die wijzen op desaffectatie door de gemeente, namelijk het afleveren van bouwvergunningen in de jaren '50 en '60 waarbij de voetweg overbouwd werd met woningen. De gemeente heeft destijds nagelaten de voetweg officieel af te schaffen.
Overeenkomstig artikel 4, 2° van het decreet Gemeentewegen is elke wijziging, verplaatsing of afschaffing van een gemeenteweg een uitzondering, die gemotiveerd dient te worden.
Deze motiveringsverplichting werd in het leven geroepen, met het oog op de bescherming van de trage wegen, d.w.z. de wegen niet hoofdzakelijk bestemd voor gemotoriseerd verkeer, in het bijzonder de oude voetwegen opgenomen in de atlas der buurtwegen.
Hierbij wenste de decreetgever de ondoordachte opheffing van zulke trage wegen tegen te gaan, omwille van hun belangrijke maatschappelijke en mobiliteitsfunctie.
Met de afschaffing van voetweg 59 op de bovenvernoemde percelen zet de gemeente een fout recht uit het verleden. In de jaren '50 en '60 heeft de gemeente bouwvergunningen afgeleverd waarbij de voetweg overbouwd werd met woningen, zonder eerst de zaak der wegen (=afschaffen van de voetweg) in orde te brengen. De gemeente heeft destijds nagelaten de voetweg officieel af te schaffen. Dit heeft tot gevolg dat de eigenaren van de bovenvernoemde percelen vandaag geen vergunning kunnen aanvragen voor bijvoorbeeld het bouwen van een tuinhuis, wanneer daarmee de juridische bedding van de voetweg 59 getroffen wordt.
Overeenkomstig artikel 4, 3° dienen bij de beslissingen omtrent de wijzigingen aan het gemeentelijk wegennet steeds de verkeersveiligheid en de ontsluiting van de aangelande percelen in aanmerking te worden genomen.
Het opheffen van de voetweg 59 brengt noch de verkeersveiligheid, noch de ontsluiting van de aangelande percelen in het gedrang.
Overeenkomstig artikel 4, 4° van het decreet Gemeentewegen dient zo nodig de wijziging aan het gemeentelijk wegennet te worden beoordeeld in grensoverschrijdend perspectief.
De betrokken wegenis paalt niet aan een van de aanpalende gemeenten, noch kan door voorliggende wijziging van de rooilijn enige hinder voor de buurgemeenten verwacht worden.
Overeenkomstig artikel 4, 5° van het decreet Gemeentewegen dient rekening gehouden te worden met de actuele functie van de gemeenteweg, zonder hierbij de behoeften van de toekomstige generaties in het gedrang te brengen.
Daarbij dienen tevens de ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig tegen elkaar afgewogen te worden.
Het opheffen van de voetweg 59 brengt de behoeften van de toekomstige generaties niet in het gedrang. De voetweg vervult geen actuele functie, en er is daartoe ook geen mogelijkheid in de toekomst, doordat de voetweg al sinds de jaren '50 en '60 bebouwd werd met (vergunde) woningen. De bedding van de voetweg is op geen enkele manier toegankelijk te maken.
Openbaar onderzoek
Na de voorlopige vaststelling van het rooilijnplan door de gemeenteraad wordt het college gelast met de organisatie van een openbaar onderzoek van 30 dagen, conform artikel 17 van het gemeentewegendecreet. Het openbaar onderzoek wordt minstens aangekondigd door:
In bijlage is opgenomen:
Wijzigingsdossier bestaande uit
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikel 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
Het besluit van de gemeenteraad van 28 maart 2019, houdende vaststelling van het begrip “dagelijks bestuur” in overeenstemming met artikel 41 van het Decreet Lokaal Bestuur.
Het decreet houdende de Gemeentewegen van 3 mei 2019.
1. De gemeenteraad gaat akkoord met de afschaffing van gemeenteweg "voetweg 59" zoals aangeduid op het ontwerp-rooilijnplan, opgesteld door landmeter-expert Dieter Hoefs , LAN 05 1188, optredend voor Studiebureau MESO bvba, adres Jan Mulslaan 132 bus 0201, 1853 Grimbergen op 11 december 2025.
2. Het ontwerp-rooilijnplan wordt voorlopig vastgesteld.
3. Het ontwerp-rooilijnplan wordt onderworpen aan een openbaar onderzoek conform artikel 17 van het gemeentewegendecreet van 3 mei 2019.
4. Het college van burgemeester en schepenen te gelasten om een openbaar onderzoek te organiseren conform artikel 17 van het gemeentewegendecreet van 3 mei 2019.
5.Het dossier na het openbaar onderzoek voor definitieve beraadslaging en vaststelling aan de gemeenteraad voor te leggen.
Mobiliteitsingrepen Hof Van Keustens
Het besluit van het college van burgemeester en schepenen van 5 januari 2026, houdende goedkeuring van het verslag van de overlegvergadering met Kastze Verkeer van 04 december 2025, waarbij onder - punt 10 - advies werd geven voor een nieuw aanvullend reglement voor alle verkeersmaatregelen op Hof Van Keustens te Perk.
Het plan als bijlage met de geplande verkeersmaatregelen.
Het aanvullend reglement betreft enkel gemeentewegen.
Een afschrift van dit besluit zal overgemaakt worden aan de politiezone Kastze.
De nieuwe gemeentewet van 24 juni 1988.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 16 maart 1968.
Het Koninklijk Besluit van 1 december 1975, houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.
Het ministerieel besluit van 11 oktober 1976, waarbij de minimumafmetingen en bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald.
Het decreet van 16 mei 2008, betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 23 januari 2009, betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.
De omzendbrief MOB/2009/01 van 3 april 2009.
Het besluit van de gemeenteraad van 28 maart 2019, houdende vaststelling van het begrip “dagelijks bestuur” in overeenstemming met artikel 41 van het Decreet Lokaal Bestuur
1. Hof Van Keustens het (woon)erf wordt afgebakend. Het begin van het (woon)erf wordt aangeduid; ook het einde van het (woon)erf wordt aangeduid.
Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:
Verkeersbord F12a
Verkeersbord F12b
2. Dit aanvullend reglement wordt ter kennisgeving overgemaakt aan het Vlaams Huis via het Loket voor Lokale Besturen.
CBS/2026/068 inzake de opmars van de Aziatische hoornaar en de principiële goedkeuring door het College voor toekenning van een subsidie voor de verdelging van nesten op privé-terrein.
Het afgelopen jaar werd een markante stijging vastgesteld in het aantal waarnemingen van de Aziatische hoornaar. Deze invasieve exoot vormt een ernstige bedreiging voor de lokale biodiversiteit, in het bijzonder voor bijen en andere bestuivende insecten. Eén nest kan jaarlijks tot 100.000 insecten vangen. Omdat de soort in onze regio (nog) geen natuurlijke vijanden heeft, blijft ze zich zeer snel uitbreiden.
Deze actie kadert binnen de bredere doelstelling van de gemeente om werk te maken van biodiversiteit en het engagement als ‘bijenvriendelijke gemeente’.
Hoewel de Aziatische hoornaar in Vlaanderen niet langer uitgeroeid kan worden, is het wel essentieel om de verdere verspreiding en impact maximaal te beperken. Een snelle en efficiënte verdelging van nesten blijft daarbij cruciaal.
1/ bestrijding op openbaar terrein
In 2025 deed de gemeente beroep op de brandweerzone Vlaams-Brabant West voor de verdelging van nesten. Afhankelijk van het aantal meldingen konden de wachttijden oplopen tot meerdere weken. Om in dringende en potentieel gevaarlijke situaties (o.a. schoolomgevingen) sneller te kunnen optreden, werd bijkomend reeds een beroep gedaan op professionele verdelgers.
Om ook in 2026 tijdig en doeltreffend te kunnen handelen, werd een raamovereenkomst afgesloten met Kurt Verstraeten voor de verdelging van nesten op openbaar terrein.
2/ Bestrijding op privéterrein
De bestrijding van de Aziatische hoornaar stopt niet aan de grenzen van het openbaar domein.
Via de groepsaankoop van Haviland werden 130 koninginnevallen door inwoners besteld.
De brandweerzone Vlaams-Brabant West heeft begin maart 2026 aangegeven opnieuw gratis te zullen verdelgen. Inwoners zullen dan ook in eerste instantie naar de brandweer worden doorverwezen. Om tegemoet te komen aan dringende verdelgingen (bij nesten vlakbij woning bv) of bij lange wachttijden, kunnen inwoners beroep doen op private bestrijders. Om dit te ondersteunen en zo de effectieve verdelging van nesten op privéterrein te stimuleren, werd een subsidiereglement voor inwoners uitgewerkt volgend op CBS/2026/068.
Concreet zullen inwoners zelf instaan voor het contacteren van een professionele verdelger, waarna op basis van bewezen kosten een tegemoetkoming kan worden toegekend van maximaal € 80,- per kalenderjaar per domicilieadres.
Deze aanpak wordt onder meer in Haacht en Kortenberg succesvol toegepast (informatie via Provincie Vlaams-Brabant).
Er wordt er bewust voor gekozen om het gemeentelijk raamcontract niet uit te breiden naar privéterrein, omwille van de bijkomende administratieve belasting en omdat de gemeente geen aansprakelijkheid wenst te dragen voor interventies op privé-eigendom.
Afbakening en voorwaarden
De subsidie is uitsluitend van toepassing op de bestrijding van actieve nesten van de Aziatische hoornaar (Vespa velutina) op privéterrein. Andere wespensoorten of verlaten/niet-actieve nesten komen niet in aanmerking.
De tegemoetkoming kan enkel worden toegekend voor de effectieve verdelging van een vastgesteld nest, uitgevoerd door een professionele verdelger.
De maximale tegemoetkoming bedraagt € 80,- per kalenderjaar per domicilieadres in Steenokkerzeel, ongeacht het aantal bewoners of eigenaars.
De aanvraag gebeurt door de inwoner en omvat minstens:
een factuur van de verdelger op naam en adres van het betrokken pand, inclusief het betaalbewijs;
fotomateriaal van het actieve nest (voor verdelging).
Soortenbesluit van 15 mei 2009.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikel 56, betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen.
Het besluit van de gemeenteraad van 28 maart 2019, houdende vaststelling van het begrip “dagelijks bestuur” in overeenstemming met artikel 41 van het Decreet Lokaal Bestuur.
Er is op dit ogenblik niet genoeg budget voorzien voor de verdelging van nesten op openbaar terrein. Afhankelijk van de reële behoefte, zal er bijkomend krediet moeten voorzien worden in de eerstvolgende aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 of kan er gewerkt worden met een kredietverschuiving.
GBB/0349-00/64910000/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN van de exploitatie 2026
De toelagen voor de verdelging van nesten op privéterrein zijn op dit ogenblik niet opgenomen in het meerjarenplan 2026-2031. Hiervoor is er sowieso een aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 nodig.
Dit najaar was er een explosie van het aantal meldingen tov deze in het voorjaar, we kregen signalen dat de brandweer de verdelging mogelijks niet meer gratis zal aanbieden in 2026 en liet de verdelging door de brandweer soms meerdere weken op zich wachten. Deze bevindingen kwamen na het vastleggen van het MJP.
1. De Gemeenteraad gaat akkoord met het subsidiëren van de verdelging van nesten op privéterrein, met een maximum van € 80,- per jaar per domicilieadres en keurt hiertoe het bijgevoegde subsidiereglement goed.
2. In de eerstvolgende aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 dient er krediet voorzien te worden voor de toelagen voor de verdelging van nesten op privéterrein, en eventueel bijkomend krediet voor de verdelging van nesten op openbaar terrein.
De algemene samenwerkingsovereenkomst (sok) van 2020 wordt geactualiseerd, omwille van 2 redenen:
3Wplus stelt voor om de sok uit te breiden met een addendum m.b.t. Mijn Verbouwbegeleiding (MVB). De algemene sok is generiek voor elke gemeente, maar het aanvullend aanbod voor MVB waarop Steenokkerzeel heeft ingetekend is specifiek voor Steenokkerzeel.
Concreet worden volgende zaken bijgestuurd in de algemene sok:
De actualisering van de overeenkomst met het Energiehuis heeft geen financiële gevolgen voor het lokaal bestuur.
Rapportering Mobiel Energiehuis 2.0 (periode 2023-2024)
Zie CBS 11 augustus 2025.
Het Mobiel Energiehuis is een mobiel loket, onderdeel van Energiehuis 3Wplus, bemand door een renovatiebegeleider. Dit mobiel loket hield 2 weken per jaar halt in de gemeente. Inwoners kunnen er zonder afspraak terecht voor gratis advies over energie besparen, isoleren, zonnepanelen, warmtepompen, premies, leningen, energiecontract,… De renovatiebegeleider kan ook ingeschakeld worden voor een energieaudit (€50) en renovatiebegeleiding. Men krijgt dan hulp bij het zoeken naar aannemers, het aanvragen en vergelijken van offertes, het aanvragen van premies, ... Uiteraard kunnen inwoners het hele jaar door met deze vragen ook terecht bij het Energiehuis zelf.
Doel was 75 energieaudits over de 3 jaren.
In bijlage is de rapportering terugvinden van het project 'Mobiel Energiehuis' van Energiehuis 3Wplus voor het jaar 2024.
Aantal bezoekers:
In 2025 waren er 11 bezoekers (kerk Perk). Dit aantal ligt iets lager. Dit hangt samen met het feit dat er werd besloten om de openingsdagen aan te passen ifv de kermis die in dezelfde periode doorging, zodat de mobiel geopend zou zijn tijdens de kermisdagen. Hierdoor had de mobiel 2 openingsdagen ipv 3. Dit is strategisch niet zo'n goede zet gebleken, de kermis heeft geen invloed gehad op de opkomstcijfers. Er werden ook iets minder bewonersbrieven verstuurd.
Los van het Mobiel Energiehuis nemen geïnteresseerden ook rechtstreeks contact op met het Energiehuis zelf.
De doelstelling voor de 75 audits voor de 3 jaren lag mooi op schema:
Energiebesluit van 19 november 2010.
Ministerieel besluit tot vastlegging van de nadere regels voor de inhoudelijke invulling van de begeleiding, zoals vermeld in artikel 7.9.2/1, eerste lid, 5° en 9°, van het Energiebesluit van 19 november 2010.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikel 56, betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen.
Het besluit van de gemeenteraad van 28 maart 2019, houdende vaststelling van het begrip “dagelijks bestuur” in overeenstemming met artikel 41 van het Decreet Lokaal Bestuur.
De financieel directeur heeft op 3 maart 2026 een visum onder voorbehoud afgeleverd met het nummer 2026/9.
Door een misverstand werd er op basis van de collegebeslissing van 11.08.2025 slechts 13.500 EUR per jaar voorzien in het meerjarenplan 2026-2031 voor 2026 en 2027 i.p.v. 27.000 EUR jaarlijks. De bijkomende 13.500 EUR per jaar voor 2026 en 2027 (voor 0,5 i.p.v. 0,25 VTE) zal moeten voorzien worden in de eerstvolgende aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031.
Budgetcode GBB/0350-00/61599999/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN van de exploitatie 2026. Hierop is momenteel 13.500 EUR jaarlijks voorzien.
1. De raad neemt kennis van de vernieuwde algemene overeenkomst, ter vervanging van de overeenkomst van 2020.
2. De raad neemt kennis van het addendum met betrekking tot het project Mijn Verbouwbegeleiding bij de algemene overeenkomst.
3. De raad neemt kennis van de aangepaste verwerkingsovereenkomst.
4. De raad keurt de vernieuwde algemene samenwerkingsovereenkomst, het addendum en de verwerkingsovereenkomst goed.
Sinds 2020 maakt de gemeente Steenokkerzeel deelt uit van de projectvereniging intergemeentelijk samenwerkingsverband voor cultuur Noordrand (IGS Noordrand). Deze samenwerking loopt door tot en met 2026. Voor de verlenging van deze samenwerking (2027-2032) dient de Noordrand een nieuw dossier in te dienen. Daarvoor vraagt het reeds een akkoord van alle deelnemende gemeenten om deze aanvraag op te starten.
De IGS NOORDRAND werd opgericht in 2020 en kende een verlenging van één jaar (2026) omwille van een decreetswijziging door de Vlaamse Overheid. IGS NOORDRAND loopt af op 31/12/2026. De verlenging (2027-2032) is noodzakelijk om juridisch in orde te zijn en subsidies te kunnen ontvangen van de Vlaamse Overheid.
De Vlaamse Overheid voorziet voor de periode 2027-2032 voor de bovenlokale werking cultuur een subsidie van max. euro 0,9/inwoner met een min. van euro 100.000/werkjaar en verwacht een inbreng van 75% van de lokale besturen.
De raad van bestuur IGS NOORDRAND (6/06/2025) besliste om de inbreng voor de lokale besturen voor de periode 2027-2032 niet te wijzigen t.o.v. de periode 2020-2026. De gevraagde bijdrage omvat jaarlijks euro 4.000 (basisbedrag) + euro 0,25/inwoner (jaarlijks geïndexeerd).
Voor Steenokkerzeel komt dit in 2026 concreet neer op een bijdrage van € 7.282.
Het college ging reeds principieel akkoord met deze verlenging op 24 november 2025.
Bovenlokaal cultuurdecreet van 15 juni 2018 en het uitvoeringsbesluit van 26 oktober 2018, met wijziging 8 maart 2024.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
Het Cultureelerfgoeddecreet van 23 december 2021.
De afdeling Vrije Tijd en Lokale Economie ervaart de samenwerking met de Noordrand als positief.
In mindere mate het overleg met de cultuurhuizen, maar zeker de adviesgroep vrijetijdscoördinatoren, het overleg bibliotheken, het Regionaal Netwerk Vrijetijdsparticipatie en het algemene netwerk zijn een grote meerwaarde voor onze diensten.
We adviseren dan ook om deze samenwerking verder te zetten vanaf 2027.
ACT-131 - Intergemeentelijke samenwerkingen Vrije Tijd
2026/ACT-131/0709-00/61350000/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN
De gemeenteraad gaat akkoord met de verlenging van projectvereniging IGS NOORDRAND voor de periode 2027-2032 en met een jaarlijkse cofinanciering voor de bovenlokale cultuurwerking van van euro 4.000 (basisbedrag) + euro 0,25/inwoner (jaarlijks geïndexeerd).
Binnen de IGS Cultuur Noordrand werd het Regionaal Netwerk Vrijetijdsparticipatienetwerk Noordrand opgericht. De toetreding van Steenokkerzeel tot dit netwerk werd bekrachtigd tijdens de gemeenteraad van 22 juni 2023.
Dit netwerk werd in de schoot van de IGS Noordrand opgericht omdat die onder andere het toeleiden van kansengroepen naar een deelname aan het culturele vrijetijdsaanbod in het werkingsgebied als opdracht heeft. In haar Cultuurnota 2027-2032 werkt IGS Noordrand verder aan deze opdracht.
Het Bovenlokaal netwerk vrijetijdsparticipatie (BNVTP) is een samenwerkingsverband dat als doel heeft de participatiedrempels van personen in armoede bij participatie in cultuur, jeugd en sport weg te werken.
Het samenwerkingsverband vervult volgende opdrachten:
Gelet op het feit dat de IGS Noordrand een aanvraag zal indienen voor een werkingssubsidie voor een samenwerkingsverband bovenlokale cultuurwerking voor de periode 2027-2032 (zie akkoord college als bijlage en agendering op de gemeenteraad van maart 2026), dient er tevens een nieuwe aanvraag ingediend te worden voor een werkingssubsidie voor een intergemeentelijk samenwerkingsverband voor een bovenlokaal netwerk vrijetijdsparticipatie.
In het kader van deze verlenging werd ook de afsprakennota herwerkt. Deze nota is als bijlage terug te vinden.
Zowel de verlenging van het bovenlokaal netwerk vrijetijdsparticipatie, als de afsprakennota kregen een positief advies van de raad van bestuur en adviesgroep van de IGS Cultuur Noordrand en regionaal netwerk vrijetijdsparticipatie Noordrand (januari 2026).
Bovenlokaal cultuurdecreet van 15 juni 2018 en het uitvoeringsbesluit van 26 oktober 2018.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
Participatiedecreet van 18 januari 2008.
Bovenlokaalcultuurdecreet van 8 maart 2024.
ACT-131 - Intergemeentelijke samenwerkingen Vrije Tijd
2026/ACT-131/0709-00/61350000/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN
De gemeenteraad gaat akkoord met:
1. de verlenging van het Bovenlokaal Netwerk Vrijetijdsparticipatie Noordrand voor de periode 2027-2032.
2. de Afsprakennota Bovenlokaal Netwerk Vrijetijdsparticipatie (BNVTP) Noordrand.
3. Het indienen van de Afsprakennota BNVTP Noordrand door IGS Cultuur Noordrand. Cultuur Noordrand is jaarlijks ook verantwoordelijk voor de verantwoording.
In het college van 15 december 2025 werd beslist om deel te nemen aan de jaarlijkse interprovinciale campagne 'maand van de markt' om de markt in de kijker te zetten. Gelet op het feit dat dit om een wedstrijd gaat, dient er een wedstrijdreglement te worden opgesteld.
Op dinsdag 12 februari 2026 ontving de dienst lokale economie het wedstrijdreglement opgesteld door de provincie Vlaams-Brabant (zie bijlage).
Op basis van de beslissingen van het college van 12 december 2026 werd het reglement waar nodig aangepast.
Zowel het collegebesluit als het voorstel voor het wedstrijdreglement werden bijgevoegd als bijlage.
In datzelfde collegebesluit werd goedkeuring gegeven om op paaszondag chocolade eitjes uit te delen. Vorig jaar werd 10 kilo besteld voor een kostprijs van € 330.
Het reglement treedt pas in voege treedt na publicatie zoals vermeld in art. 286-288 DLB
Voor deze campagne is een budget voorzien van € 1000 onder de actie ACT-124 - acties en campagnes voor lokale handelaars, horeca en ondernemers 2026/ACT-124/0500-00/61599999/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN.
De gemeenteraad gaat akkoord met het wedstrijdreglement voor de campagne 'maand van de markt' 2026.
Vanaf september 2026 verandert het opvanglandschap voor schoolgaande kinderen grondig. Tegen dan moet het decreet Buitenschoolse Opvang en Activiteiten (BOA) geïmplementeerd zijn in de lokale praktijk.
Concreet zal het Agentschap Opgroeien zijn rol als toezichthouder, regisseur en subsidiërende instantie overdragen aan het lokaal bestuur.
De Vlaamse overheid streeft naar een geïntegreerd aanbod van buitenschoolse opvang en activiteiten voor alle kinderen en gezinnen. Het lokaal bestuur dient de regie in handen te nemen en in samenwerking met lokale partners uit Onderwijs, Welzijn, Cultuur, Sport en Jeugd een coherent buitenschools beleid uit te stippelen.
Tijdens de gemeenteraadszitting van 23/10/2025 werd het Lokaal Erkenningskader BOA in schematische vorm goedgekeurd door de gemeenteraad (zie bijlage).
Dit kader is nu omgezet in een erkenningsreglement voor het luik buitenschoolse opvang. Hierbij is een klachtenprocedure mee opgenomen voor de gebruikers van de opvang.
Op 23/02/2026 werd het ontwerp van 'Reglement Lokaal Erkenningskader BOA' voorgelegd aan het samenwerkingsverband Breed Overleg van het Kind (BOA).
Decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten van 3 mei 2019.
ACT-83 De gemeente breidt de buitenschoolse opvang uit met focus op kwaliteit, samenwerking en tevredenheid.
De gemeenteraad keurt het 'Reglement Lokaal Erkenningskader BOA' goed.
Bericht van het Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB) van 13 februari 2026 via het digitaal Loket Lokale Besturen.
ABB laat ons weten dat het toezicht op het meerjarenplan 2026-2031 van gemeente-OCMW Steenokkerzeel volledig is afgewerkt.
Het nazicht van deze meerjarenplannen heeft geleid tot 2 formele opmerkingen die via het digitaal loket van ABB zijn verstuurd. Een gedetailleerd overzicht hiervan is terug te vinden als bijlagen.
Gecumuleerd budgettair resultaat 2025
In de toelichting van het meerjarenplan wordt een berekening van het geraamde budgettair resultaat van 2025, het startbedrag van het nieuwe meerjarenplan 2026-2031, gegeven. Daaruit blijkt echter dat er gebruik werd gemaakt van algemene prognoses m.b.t. exploitatie en investeringen zonder enige extra verduidelijking. Door deze werkwijze kan het financieel evenwicht niet op een betrouwbare wijze worden aangetoond.
Commentaar financieel directeur: het klopt dat de verduidelijking ontbreekt, maar:
- deze berekening werd niet lichtzinnig gemaakt, er werd wel degelijk gekeken naar de reeds bestaande boekingen in 2025 en naar het recente verleden (2023 en 2024) om een aantal trends mee te nemen.
- het is sowieso bijzonder moeilijk om in de maand september 2025 al een raming op te maken van het eindresultaat van 2025, terwijl er nog redelijk wat onzekere factoren zijn. Zo is het voor veel investeringen moeilijk in te schatten wat er nog gerealiseerd zal worden in 2025, en is het in de exploitatie moeilijk om te voorspellen of bepaalde openstaande functies al dan niet nog zullen ingevuld geraken in 2025 of niet. Om maar enkele voorbeelden te geven.
- misschien moeten we in de toekomst overwegen om in het laatste jaar van het meerjarenplan toch nog een meerjarenplanaanpassing op te maken, zodat we een meer realistisch beeld hebben van 2025. Anderzijds betekent dit nog meer extra werk in een jaar waarin de focus vooral ligt op de opmaak van het volgende meerjarenplan.
Investeringsontvangsten ontbreken
Het ‘overzicht van de investeringen’ als onderdeel van de toelichting van het meerjarenplan is onvolledig, aangezien het enkel de uitgaven bevat. Het is echter vereist dat ook de investeringsontvangsten, zoals de ontvangen investeringssubsidies en de verkopen van patrimonium worden vermeld.
Commentaar financieel directeur: dit klopt, en dit is volledig te wijten aan een vergetelheid die blijkbaar niemand heeft opgemerkt, behalve ABB dan. Aangezien er voor het overzicht van de investeringen geen standaard schema voorzien is, moeten de besturen dit zelf aanleveren. Dat hebben we ook gedaan d.m.v. een rapport. Dit rapport bevatte echter zoveel informatie dat dit niet leesbaar meer was, omdat elk jaar van het meerjarenplan zowel de uitgaven als de ontvangsten bevatte. Daarom werd dit uitgesplitst in een rapport met enerzijds enkel de uitgaven per jaar en anderzijds een rapport met enkel de ontvangsten per jaar. Dit laatste rapport, dat veel kleiner is dan het eerste, werd echter vergeten toe te voegen aan het definitieve meerjarenplan 2026-2031.
Het overzicht van de investeringsontvangsten in het meerjarenplan 2026-2031 is nu als bijlage toegevoegd.
Artikel 332, §1, derde lid van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
De gemeenteraad neemt kennis van het bericht van ABB over het toezicht op het meerjarenplan 2026-2031 van gemeente-OCMW Steenokkerzeel, dat geleid heeft tot 2 formele opmerkingen.
Mohamed Daoudi geeft toelichting over dit agendapunt :
Verwachte daling van het aantal leerlingen in het basisonderwijs.
Wij hebben hierover volgende vragen:
Burgemeester Kurt Ryon antwoordt als volgt:
2014: 185 (zij zitten momenteel in het zesde leerjaar)
2015: 145
2016: 156
2017: 170
2018: 144
2019: 144
2020: 132
2021: 162
2022: 124
2023: 117
2024: 107
2025: 126
We zijn de laatste jaren in overcapaciteit gegaan, waardoor bepaalde klassen ontdubbeld werden. Vanaf volgend jaar is dat niet meer nodig.
Wij blijven gemeentelijk onderwijs organiseren.
Het dalende geboortecijfer kan wel een impact hebben op het leerkrachtenkorps. Er moet gewerkt worden met graadklassen.
Met name de vastbenoemde leerkrachten kunnen dan gereaffecteerd worden, op langere termijn.
Als gemeente hebben we hier weinig impact op. Deze meerderheid is geen fan van uitbreiding van het aantal woningen en inwoners.
We geven voor onze gemeenteschool voorrang aan kinderen uit het eigen dorp, vandaar dat we in december jl. de capaciteit hebben laten dalen.
De cijfers ivm. hoeveel kinderen van de gemeente niet naar het lokaal onderwijs gaan, hebben we niet bij de hand. Dit kunnen we wel verzamelen.